Home » Archief bloggen 2016 » Van boot tot terras tot boek 11-4-2016

Ik heb vierkante ogen van het staren naar mijn beeldscherm. Het zonnetje schijnt, ik ga even een boterhammetje happen in de stad. In het centrum heb ik nu vast een lekker zonnetje. Even er op uit en even iets anders.

Op weg naar “mijn”terrasje wordt ik aangesproken door een hijgende duitse tourist met twee kinderen in zijn kielzog. De rugzak die hij draagt puilt aan alle kanten uit en er dansen potten en pannen van links naar rechts aan de onderkant. De kinderen zien er ook al zo verhit uit. Haren op stormkracht 10 en zweet op hun voorhoofd alsof ze net een bad hebben genomen. Druk gebarend en vragend, de ogen draaiend van links naar rechts. Ze moeten de boot ( naar Texel) halen van half een. Ik werp een blik op de klok boven het station waar ze ongetwijfeld net vandaan zijn gerend. Dat wordt zeuren. Het is namelijk al half 1.

Dat was de vraag niet, hij heeft geen tijd voor mijn reactie en vraagt nogmaals waar de boot is. Ik wijs waar ze heen moeten lopen en roep er nog achter aan dat ze beter een half uurtje rustig koffie kunnen gaa…… de hijgende herten zijn inmiddels al rennend tussen de winkels door aan het zigzaggen. Succes mannen. Dat wordt m echt niet. Bovendien zou er ergens een bus moeten staan die passagiers naar…….Maar dat maakt niet uit. Laat maar. Zij geen rust en koffie. Ik wel.

Ik nestel me in het zonnetje met een cappuccino voor me en de wetenschap dat er een zalig broodje kaas met abrikozenchutney aankomt en ik sla mijn boek open. Ik heb het boek nog niet open of ik hoor een interessante opmerking links van me. Superman gaat het winnen van Batman. Dit meen je toch niet. Ik spits mijn oren. Door de wind en de bouw van een nieuw pand achter mij valt het antwoord van de wat dikkige jongen die ik associeer met gamen en zakken chips helemaal weg. Het meisje versta ik wel goed. ik moet het complete gesprek zelf invullen maar dat lukt aardig.

Na het gesprek over Batman versus Superman schakelen ze over naar gamen. Bingo. Klopt dus wat ik dacht. Niet aardig dat invullen maar in dit geval klopt het wel. De dikkige jongen verzucht iets waarop het meisje zegt dat haar vriendje ook te veel gamed en dat ze vanaf vandaag afspreken,  dat als het mooi weer is zij samen dit terrasje gaan opzoeken. Het meisje hoor ik zeggen dat ze ook echt niet, wat denkt hij nou, met slecht weer buiten gaat zitten, maar dit zonnetje, wat er vandaag is,  dat is het  referentiekader om naar buiten te gaan. Ze staan allebei op, hij trekkend aan zijn spijkerbroek die half op zijn knieën hangt. Zij in een pittig strak broekje met hakjes er onder. Hij zwetend met grote lompe basketbalschoenen hoopvol zwaaiend naar haar, zij al terug zwaaiend bellend met waarschijnlijk met haar vriendje. Ach gos. Die arme jongen. Snakkend naar een mooi meisje, en genoegen nemen met een platonisch drankje op het terras.

Er wandelt een mevrouw voorbij, benen in een spijkerbroek maatje 34 niet wetend dat haar billen en heupen die maat 34 ongeveer tien kilo geleden nog wel konden hebben, en dat de broek heel veel moeite moet doen om het totaal pakket in bedwang te houden. Het geeft niet hoor, ik knik haar vriendelijk toe terwijl ze voorbij loopt, soms doe je er wat langer over om te accepteren dat je ouder wordt.

Vanaf de andere kant loopt een groepje chinese toeristen met een telefoon voor hen uit. Er komt een stem uit de telefoon waar ze bijna blindelings op reageren. Ik volg ze en begrijp dat ze ook richting boot lopen. Ach, wat gezellig. Misschien kunnen ze met de duitse toeristen nog een kopje koffie doen als die eindelijk begrijpen dat die boot echt niet meer te halen valt en hun zweet is opgedroogd. Half twee mogen ze allemaal in de herkansing. 

Mijn boterhammetje komt, zonder abrikozen chutney. Maar dat geeft niet. Ik heb de zon. Ik heb koffie. ik heb een zalig boterhammetje en werkelijk geen enkele letter gelezen.