Home » De schoenen van de Rups

O o.

Ik ben mijn schoen kwijt. Vanmorgen verloren toen ik over de zonnebloemen heen vloog.

Ik kon vanmorgen heel vroeg, toen de zon opkwam niet kiezen, of ik de roze pump zou aan doen met kleine hakjes, of dat ik mijn gympen zou aandoen.

Ik kon geen keuze maken, dus heb ik ze allebei aangedaan.

Aan vier voeten stoere gympen in het groen.

Aan vier voeten elegante pumps met een blauw hakje.

Allebei de kleuren passen super goed bij mijn lijf. Ik ben namelijk groen en blauw. Soms zie ik mezelf in de weerkaatsing van een meertje en dan moet ik lachen. Ik ben best een beetje raar om te zien vliegen.

Ik ben namelijk een rare vlinder. Weet je nog die hele hete zomer? Waarbij er bijna geen water meer in de sloten stond? Die waar zo veel dieren niet wisten waar ze water vandaan moesten halen zodat we blij waren dat de mensen bakjes water overal neerzetten? Die zomer ben ik geboren. Waarschijnlijk door de warmte ging er iets mis met mij. Daar waar ik van een rups in een vlinder moest veranderen, bleef ik de voeten houden van een rups, maar ik kreeg er vleugeltjes bij. Best grappig maar soms ook erg onhandig. Je raakt nog wel eens een schoen kwijt als je onderweg honing ruikt en even wil stoppen.

Ik ben gister onderweg in de zonnebloem hier linksachter de schuur een rode pump kwijt geraakt. Hij werd gisteravond heel lief naar me toegebracht door Hommel Hoogvlieger die mij wel aardig vindt.

Eigenlijk kunnen wij geen vriendjes worden, als hommels of bijen en vlinders elkaar ontmoeten in bloemen, laten we elkaar altijd gaan. We maken geen ruzie, waarom zouden we. Voor iedereen is wel een plekje te vinden waar iets lekkers wacht. Maar trouwen met een hommel, dat kan eigenlijk niet.

Toch zie ik dat hij mij wel leuk vindt en ik vind hem ook leuk. Hij bracht mijn rode pump helemaal opgepoetst terug. volgens mij heeft hij hem eerst aangehad, hij keek er zo verliefd naar.

Maar als het gaat over vliegen met schoenen, aan, dat is een verhaal apart. Ik moet wel een beetje oppassen met welke schoenen ik aan trek als ik ga vliegen. Ik ga dus een systeem maken voor mijn schoenen. Ik heb inmiddels vijf paar verschillende. Roze pumps, handige slippers, twee paar gympen en hoge laarzen. Die zijn wel onhandig om aan te trekken hoor. Ik heb met vier benen links, en vier benen rechts best een lang lijf en die laarzen zijn wat groot. Er zit een rits in die niet handig dicht gaat. Dan heb je een voordeel aan extra voeten die ook kunnen werken als handen.

Lieve heersbeest, die hier onder in de boom woont, is schoenenpoetser, nou die heeft het druk met mij, maar hij is er blij mee. Misschien vindt die me best een beetje raar,  een mannetjesvlinder met al die schoenen maar hij is erg aardig tegen me, dus ik breng alles bij hem. Laatst bracht ik een van mijn zomer slippertjes, er was een bandje los, toen kreeg ik zelfs een groen blaadje geserveerd met luizen! Het was goedbedoeld, maar ik hou niet zo van luizen, ik hou van honing. Voor de vorm heb ik er eentje opgesnoept, de rest mocht hij zelf eten.

Vandaag wordt een leuke dag. Ik ga weer eens op bezoek bij mijn zussen. Ik moet nog even iets gezelligs mee nemen want ik ga op bezoek om de lekkerste honing te drinken.  Ik pluk een klein madeliefje van de grond, hou het in mijn mondje en fladder pardoes tegen Hommel Hoogvlieger aan. We blozen allebei. Hij gaat zoemend om me heen vliegen. Ik fladder wat rond.

Hij zoemt, wil iets zeggen maar durft niet. Ik haal diep adem, heb per slot van rekening 8 paar schoenen aan en trek dus de stoute schoenen aan om hem uit te vragen maar hij is me net voor.

 ‘Zzzzzzullen wij samen een keer honing ergens gaan drinken?’

We blozen allebei opnieuw.

Hij zoemt zachtjes in mijn oor. Ik knik, durf niets te zeggen, zo spannen vind ik het. Ik fladder zo hard dat ik bijna weer een schoen verlies maar hij blijft gelukkig aan mijn voet hangen. We spreken morgenochtend af, bij de eerste zonnebloem aan de weg bij de schuur.

Ik fladder bij mijn zussen naar binnen en die zien meteen dat ik uitgelaten ben van blijdschap.

Mijn oudste zussen kijken wat zuur, vinden het maar raar. Ze opperen allerlei bezwaren. Waar we gaan wonen, dat het toch niet kan wat ik ga doen maar mijn hart jubelt. Het maakt me niet uit. Ik ben blij, we gaan samen een heel lief mooi leven tegemoet. Wat op ons pad komt, zien we wel.

Mijn jongste zus fladdert omhoog, neemt me mee aan de vleugels en knikt me lief toe.

‘Nooit twijfelen, volg je hart met alles wat je doet. Ze aait me over mijn hoofd en ik barst opnieuw uit elkaar van geluk. Ik fladder naar de zon en fladder met mijn 8 schoenen en twee vleugels een nieuw leven in.

Maak een Gratis Website met JouwWeb