Home » verzameling korte verhalen 2018 » Wat je ziet is niet wat je ziet oktober 2018

Ze gooit de krant in de bus. Ze hoort een plof als de krant de grond raakt. Ze aarzelt voor ze wegloopt. Geen voetstappen in de gang. Geen deur die open gaat. Teleurgesteld loopt ze langzaam naar het hekje voor ze haar fiets pakt. Als ze een meter slingerend gang maakt om naar het volgende adres te fietsen hoort ze haar naam. Ze trapt op haar rem, de fiets zwenkt naar rechts en ze verliest haar evenwicht. Langzaam, alsof ze niet zeker weet dat dit echt gebeurt valt ze opzij.

De oude man staat naast haar, geschrokken helpt hij omhoog.

‘O, o, Stella, dit niet mijn bedoeling. Pijn gedaan?’

Hij gaat op zijn hurken voor haar zitten. Wrijft met zijn handen over haar knie.

Hij kijkt omhoog en wijst op haar knie.

‘ Er is kaatje broek..’ Bezorgd kijkt hij omhoog naar haar gezicht. De donkere ogen kijken haar aan. Stella bijt op haar lip. Thuiskomen met een gat in haar broek kan niet. Dat wordt oorlog. Meneer Soufar richt zich op. Hij kijkt op zijn horloge.

‘Kom, mee. Mijn dochter wakker, handig met naald en draad.’

Hij loodst Stella mee naar de deur. Die aarzelt. Dit mag niet. Haar vader zou woest worden dat ze mee naar binnen gaat bij die uitkeringsopvreters. Ze blijft bij de deur staan. Mijnheer Soufar wijst nog eens. Met pijn in haar buik loopt Stella mee naar binnen.

Het ruikt raar binnen. Geuren van kruiden kruipen haar neus binnen. In de gang staan twee fietsen tegen elkaar aan geprakt. Dozen staan gestapeld op elkaar te wachten tot ze ergens anders heen verplaatst worden.

 

In de kamer staat een grote tafel waar ze Elif herkent. Ze lepelt een bakje met eten naar binnen. Hun blikken kruisen.  Ze knikt nors. Elif knikt terug alsof het doodnormaal is dat Stella op deze dinsdag om half zeven in de ochtend binnen stapt. Meneer Soufar zet Stella aan tafel. Hij wijst op haar knie.

‘Wacht. Ik haal dochter.’

Verlegen kijkt Stella in het rond. Het lijkt op haar eigen huis alleen staan er andere spullen binnen.

Het is stil in de kamer. Heel stil. geen gerinkel van bierflesjes die ergens onder vandaan rollen of opgeruimd moeten worden. Geen boze stemmen die een wedstrijd proberen te winnen die niet te winnen valt.

Ze moet nog 4 kranten bezorgen voor ze thuis is. Veel tijd heeft ze niet meer. Dat repareren van die broek moet niet te lang duren anders heeft ze straks giga ruzie. Er komt een grote forse vrouw de kamer in. Een vriendelijk rond gezicht, donkerbruine ogen en een spitse neus. Ze draagt allemaal stoffen over elkaar een. Het ritselt met elke beweging die ze maakt.

‘Zo. Dus jij bent net gevallen omdat je schrok van mijn vader.’

Verrast dat ze zo goed Nederlands spreekt kijkt Stella haar aan.

Een brede glimlach breekt door op haar gezicht als Stella daarna weer benepen kijkt en knikt.

‘Laat me eens zien?’ Ze gaat op haar knieën zitten en kijkt naar de knie van Stella. Knikt.

‘Dat is zo gedaan. Je bent vast nog niet klaar met je krantenwijk en je moet naar school , dus ik moet opschieten.

Ze kijkt naar Elif. Die blijft stug naar haar bakje met eten kijken.

Elif, haal jij even een joggingbroek of zo, dan hoeft je vriendinnetje niet in haar ondergoed hier te zitten.’ Elif kijkt bozig.

‘Ze is mijn vriendinnetje niet. En ik heb geen joggingbroek.’ Haar moeder zucht.

‘Zeur niet zo. Haal iets.’ Ze voegt er iets toe in een andere taal wat Stella niet verstaat maar de toon is duidelijk. Opschieten. Nu. Traag schuift Elif haar stoel naar achter. Overdreven langzaam staat ze op en gaat naar boven.

Elif’s moeder zoekt in een kastje. Houdt triomfantelijk naald en draad omhoog.

‘Zo, dit heb ik, ik heb het zo gedaan voor je.’  Ze kijkt Stella aan.

‘Had je mijn vader niet horen roepen dat je zo geschrokken was? ’ Stella weet niet wat ze moet zeggen.

Ze kan toch moeilijk zeggen dat het momentje dat ze met meneer Soufar, de opa van Elif dus, praat, een van de gezelligste momenten van de dag is? Hij is altijd zo aardig voor haar. Elke morgen als ze de krant komt brengen krijgt ze een snoepje van hem en dan praten ze even.

Dat kan alleen in de ochtend omdat niemand dat dan ziet. Niemand die haar vader kan vertellen dat ze contact heeft met die opvreters uit het asielzoekerscentrum die “terug moeten naar eigen land”.  Ze kijkt schuchter omhoog en knikt alleen maar. Ze durft niets te zeggen.

Meneer Soufar komt binnen. Hij heeft het blikje met snoepjes in zijn hand. Als hij het deksel eraf haalt piept het een beetje. Hij knikt naar Stella.

‘Ik zou het bijna vergeten. Hier.’ Hij houdt het blikje voor haar neus. Als Stella er een snoepje uitneemt voelt ze de tranen in haar ogen branden al begrijpt ze niet waarom. Ze kijkt gauw naar beneden. Elif, die net binnen komt met een enorme grote broek in haar handen heeft het gezien. Ze smijt de broek voor Stella’s neus neer die hem aarzelend oppakt.

Moet ze nu hier, in de kamer haar eigen kapotte broek uittrekken en zo deze enorme joggingbroek aan doen. Ze weet even niet wat ze moet doen. Elif grijnst boosaardig. Haar moeder ziet het.

‘Ho, ho. Niet zo lelijk Elif. Laat de badkamer maar even zien.’

Ze gebaart met gebiedende hand en Elif wijst naar de andere kant van de kamer waar Stella naar toe moet komen

.

Stella loopt mee. Ze voelt zich met de minuut naarder worden. Ze had niet mee naar binnen moeten gaan. Meneer Soufar is dan wel heel aardig en zijn dochter ook, zijn kleindochter is een ander verhaal. Als ze haar broek naar beneden laat zakken ziet ze dat haar knie ook stuk is. Naast het gat wat in haar broek zit, zitten er ook nog flinke bloedvlekken in de broek en nu voelt ze de tranen naar beneden stromen. Dit gaat gezien worden. Hier gaat ze een hoop gezeur mee krijgen.

 

De sfeer bij haar thuis is momenteel niet fijn. Haar stiefmoeder, drukker bezig met haar nagels dan met Joey of Micha, haar twee stief broertjes, geeft geen cent uit aan kleding, behalve als het voor haar zelf is. Als Stella al eens een opmerking maakt over dat ze niet meer in haar kleding past heft ze haar handen ten hemel en roept uit dat ze een bodemloze put is omdat ze zo groeit en pas als ze uitgegroeid is ze weer nieuwe kleding mag gaan kopen. Ze is nu 13, ze heeft gehoord dat ze tot 18 kan groeien. Dat duurt dus nog wel even. De meeste broeken zijn nu te kort. Gelukkig is het nu nog zomer en lijkt het net alsof ze het expres te korte broeken draagt vanwege de warmte. Vorige week werd ze op school apart geroepen dat ze een sportbeha moest gaan kopen. Ze heeft maar weer geknikt. Ze zou niet weten hoe ze dat moet doen, ze durft het al helemaal niet te vragen dus loopt ze maar gewoon niet zo hard, dan doet het ook niet zoveel pijn.

 

Het meeste geld wat ze verdient met krantenlopen houdt haar vader. Eigenlijk mag ze nog helemaal geen kranten lopen, het staat op naam van haar vader. Als ze geluk heeft krijgt ze een euro per week voor het kranten lopen en dat spaart ze. Soms krijgt ze het niet, maar als ze het krijgt gooit ze het in haar geheime potje. Dat potje staat onder haar bed. Als ze heel hard blaast komen er stofwolken onder het bed vandaan dus daar komt niemand. Ze moet haar kamer zelf schoonmaken van Petra en daar heeft ze een hekel aan. Ze doet het dus heel af en toe omdat is ze heel zuinig op de weinige mooie spulletjes die ze heeft. Ze heeft nog altijd het porseleinen serviesje wat ze ooit van Oma Vis heeft gekregen. Het staat veilig boven op de kast zodat het niet om kan vallen. Petra komt voor zover ze weet nooit op haar kamer en haar vader al helemaal niet, maar helemaal zeker weten doet ze dat niet. Haar spaarpotje is dus redelijk veilig onder het bed. Ze heeft vorige week nog eens geteld en ze heeft nu 19 euro. Nog 21 euro en dan kan ze het boek kopen. Ze heeft in de boeken winkel hier verderop een heel mooi boek gezien. Met korting. 50% korting. Van 80 euro naar 40 euro. Veel geld voor boek maar het is dan ook wel een hele bijzondere. Met veel afbeeldingen en voorbeelden. Een boek over tekenen.

 

Op internet staan ook wel voorbeelden en gratis cursussen maar meestal ligt de tablet bij haar stiefmoeder of haar vader en moet ze maar wachten wanneer ze hem dan even mag gebruiken. Maar het allerbelangrijkste is dat ze niet wil dat ze weten dat ze wil leren tekenen en het liefste kunstenares of lerares zou willen worden om andere kinderen te leren tekenen. Op school hebben ze haar al meerdere keren gezegd dat ze talent heeft.  Ze houdt er van, om heel snel een gezicht te tekenen wat ze ziet, het geluid van haar potlood over het papier, de lijnen die samen komen en weergeven wat ze net zag. Haar vader vindt dat ze geen onzinnige tijd moet verspillen aan “dat soort dingen” en dat ze zo snel mogelijk moet gaan werken om mee te helpen met geld verdienen.  Daarom vertelt ze het niet. Ze heeft haar eigen plan gemaakt en uit angst dat iemand dat zou kunnen tegen houden houdt ze het voor zich.

 

Elif staat voor haar en Stella wordt uit haar gedachten gehaald. Ze ziet aan de glimlach van Elif’s moeder dat die iets gezegd heeft maar dat ze, doordat ze weer eens zat te dromen, niet gehoord heeft wat. Elif herhaalt wat haar moeder heeft gezegd maar dan wel op zo een onvriendelijke toon dat Stella begrijpt dat Elif wil dat ze nee zegt. Ze schudt haar hoofd. Niet omdat Elif niet wil dat ze vanavond bij hen komt eten maar omdat ze dat thuis echt nooit goed zouden vinden.

Voorlopig is de gescheurde broek en het laat terug komen van krantenlopen voldoende om ruzie te krijgen. Ze hoopt maar dat haar vader nog een kater heeft van gister en dat Petra te druk is met andere dingen om te zien dat ze laat is. Ze wipt van de stoel, pakt de gerepareerde broek aan en knikt verlegen. Ze voelt haar wangen branden. Hoe moet ze nu weg gaan zonder dat het heel raar is?

Ze valt bijna over de joggingbroek die haar veel te groot is en rent de gang in. Snel stript ze de broek uit en trekt haar eigen broek aan. Voor ze de deur opendoet om de broek netjes terug te geven hoort ze Elif tegen haar moeder zeggen dat ze niet wil dat Stella bij hen komt eten en dat ze nu juist gepest is door Stella. Ze staat stokstijf stil. Het is waar. Haar wangen worden opnieuw rood.

 

Samen met Jacobien heeft ze Elif gepest toen ze net in de klas kwam. Ze sprak toen niet goed Nederlands, ze sprak het net als haar opa nu nog spreekt en ze hebben er plat om gelegen. Ze weet zelf ook wel dat ze dat niet had mogen doen. Het is niet aardig, maar het was zo fijn om eens niet zelf de zondebok te zijn. Ze is zelf altijd het pispaaltje van de klas geweest. Altijd degene met vieze of kapotte kleding, stinkend naar rook of bier. Daarom zit ze graag alleen en hoeft ze niet veel te praten. Maar die ene dag, de eerste dag dat Elif op school kwam sloot Jacobien zich aan bij haar aan, het meest gewilde en mooiste meisje van de klas. Ze was er zo trots op dat Jacobien haar zag staan en heeft ze meegedaan met Elif uit de lachen. De hele klas deed mee. Stella weet hoe dat voelt en toch deed ze er aan mee.

 

Nu staat ze hier, in de gang bij Elif, wiens lieve opa die haar altijd snoepjes geeft als ze de krant komt brengen en haar moeder die zo lief haar broek heeft gerepareerd en hoe moet ze nu verder? Kan ze nu nog sorry zeggen? Moet ze weg rennen? Ze doet het laatste. Ze smijt de broek in de gang, voelt of haar fiets- en huissleutel nog in haar broekzak zit en sluipt als een muisje de deur uit.

 

Alsof ze achtervolgt wordt, zo snel stapt ze op haar fiets en gooit de laatste kranten op weg naar huis in de bus. Het worden er steeds minder, elke week valt er wel een adres af. Ze woont in een zelfde soort blok met tien huizen aan elkaar als Elif. Kleine blokkendozen met dezelfde voordeuren. Niemand heeft een voortuin, al hebben veel bewoners in de straat wat tegels uit de straat gehaald en er wat planten in gezet dat het toch een beetje groen lijkt.

 

Het lijkt alsof er niemand in dit huis woont waar ze nu voor staat. Dat is niet waar natuurlijk, zij wonen er. Maar er hangt geen naambordje aan de deur. Er staan soms mensen voor de deur die geld komen halen, wat er nooit is. Als de deurbel gaat moet Stella meestal de deur open doen en dan zeggen dat papa en mama niet thuis zijn. De ramen van het huis zijn beslagen. Of dat lijkt zo. Misschien zijn ze wel vies. Ze zoekt haar huissleutel en opent de deur. Ze hoort Joey boven huilen. Als ze in de keuken komt ziet ze Micha onder de tafel kruipen. Hij kan net lopen en trekt alles wat in zijn vettige handjes komt van tafel. Petra is niet te zien. Opgelucht haalt Stella adem. Daar komt ze mee weg. Ze klapt in haar handen en Micha komt naar haar toe, een lach op het bolle gezichtje. Ze tilt hem op en zwiert hem door de lucht.

‘Zo, was je een feestje aan het maken voor je zelf dat je zo laat bent?’ Petra staat achter haar. Ze heeft net haar gezicht in gesmeerd, ze glimt nog alsof ze heel hard zweet. Haar ogen staan boos.

‘Waar was je in vredesnaam, ik kan niet alles alleen hier. Jij doet Joey en schiet alsjeblieft op, ik heb niet de hele dag de tijd.’ Ze kijkt Stella onderzoekend aan en haar blik zakt naar beneden. Stella knikt snel en buigt naar de grond zodat ze haar knie niet ziet. Ze zet Micha recht op zijn beentjes neer maar die laat zich meteen weer op de grond vallen en klampt zich aan haar been vast. Ze zucht. Niet nu. Ze probeert lieve woordjes maar hij is onvermurwbaar, hij blijft vasthouden.

 

Uiteindelijk plukt ze zijn handjes los van haar been en loopt snel weg. Hij begint te huilen en laat zich nu op zijn buik op de grond vallen. Stella doet net of ze het niet hoort en loopt de trap op. Beneden hoort ze Petra tegen Micha mopperen die nog harder gaat huilen. Ze krimpt in elkaar bij de gedachte dat haar vader wakker kan worden en dan al grauwend en snauwend naar beneden kan komen. Voordat ze de kinderkamer in loopt die Joey en Micha delen pakt ze schoon goed uit de kast zodat ze alles in 1 keer mee kan nemen. Een rimpeling verschijnt in haar neus als ze de kamer binnen loopt. Die heeft goed zijn best gedaan. Het stinkt ontzettend.

Micha is drijfnat als ze hem optilt. Ze trekt alle kleertjes uit en ziet dat zelfs het bedje doorweekt is. ze haalt het bed af en legt Joey even op een roze handdoek op het kale bedje. Luier uit, kleertjes in de wasmand en luier in de pedaalemmer die zo vol zit dat ze hem er maar bovenop legt. Joey huilt iets minder hard en ze tilt hem op. Ze houdt hem voor zich en doet alsof ze in een vliegtuig zitten. Het blote lijfje voelt klammig aan. Eindelijk stopt hij met huilen. Betraand kijken zijn blauwe ogen Stella aan.

‘Tjoeke tjoeke tjoeke…Kom we gaan naar beneden’.

Zo zachtjes als ze kan zingen, loopt ze met Joey op haar schouder de trap af. In de keuken huilt Micha nog steeds. Als hij Stella ziet binnen komen dribbelt hij met zijn kleine beentje zo snel mogelijk naar haar toe. Petra staat opnieuw in de badkamer. Gelukkig is het nu stil in huis, haar vader heeft het kennelijk niet gehoord. Daar is ze blij om want als ook hij nog naar beneden komt zijn de rapen gaar.

 

Ze moet bijna naar school, het is tijd. De klok op de magnetron staat vier uur en tien minuten voor op de echte tijd maar ze is er zo aan gewend dat ze zonder na te denken weet hoe laat het dan echt is.

Ze doet Joey snel een schone luier om en zijn kleertjes, legt hem in de box, zet Micha met een speelboekje in zijn kinderstoel en een klein stukje brood zodat hij even bezig is.

 

Even voelt ze zich schuldig naar haar twee stief broertjes maar lang kan ze daar niet over nadenken, zij moet naar school en dat is ook belangrijk. Ze slingert haar rugzak om haar schouder, pakt twee droger crackers om onderweg op de fiets op te eten en wil de deur uitlopen als Petra haar de weg verspert.

‘Ga je me nog vertellen wat er is gebeurd? Je broek is kapot geweest en weer gemaakt, je denkt toch niet dat ik dat niet zie? Ik wist niet dat je zo goed kon naaien.’ Ze geeft geen kans om antwoord te laten geven dus Stella zwijgt.

‘Heel goed, dan kun je vanavond de onderbroeken en jas voor je vader verstellen. Het geld groeit me niet op mijn rug dus dan hoeft dat niet meer naar het atelier. Scheelt een hoop geld.’

Triomfantelijk kijkt ze Stella aan. Stella bijt op haar lip. Ze griezelt bij de gedachte dat ze de onderbroeken van haar vader moet verstellen maar kijkt naar de grond en weegt haar kansen af. Zwijgt. Ze kijkt naar Petra. Haar blik is boos, uitdagend. Even overweegt ze haar tong uit te steken maar doet het niet.  Ze ziet de ogen van Petra waarschuwend oplichten maar nog voor ze werkelijk kan losbranden of een lel kan uitdelen rent Stella de deur uit. Wegwezen nu. De rest komt straks wel. Die ruzie heeft ze er wel voor over.

 

2 School

Ze fietst als een malle. Ze is al laat en ze wil niet weer te laat komen. Ze komt bijna elke dag te laat en drie keer te laat komen wil zeggen dat je na moet blijven. Na moeten blijven wil zeggen dat Joey en Micha langer op hun kamer moeten blijven totdat Stella thuis is. Als papa wakker is en in de kamer televisie wil kijken wil hij niet continu “de herrie” van de kinderen horen. Sinds Stella op het VMBO zit heeft ze andere tijden dan op de basisschool en dat heeft voor- en nadelen. Voordeel omdat ze nu twee middagen helemaal vrij is, maar nadelen omdat de dagen dat ze lang naar school gaat ook pas om vijf uur thuis is. En dat is te lang om Micha en Joey alleen te laten. Petra heeft altijd allerlei vage afspraken waar ze heen moet en haar vader wil niets met de kinderen doen. Vandaag is het woensdag en dan is ze vroeg. Gelukkig. Misschien kan ze iets goedmaken door te koken en zo de aandacht af te leiden. Jammer dat Petra de broek heeft gezien. Ze laat het van zich afglijden en stapt het lokaal in.

 

Tussen de middag in het overblijflokaal zoekt ze Elif op. De twee droge crackers zijn allang op. Haar maag knort. Elif kijkt op, ziet Stella en kijkt meteen stuurs naar beneden. Aarzelend schuift Stella een klein tekeningetje naar haar toe. Elif doet net of ze het niet ziet en eet uit haar bakje iets wat op een salade lijkt. Het ruikt heerlijk en Stella voelt haar maag nog harder knorren.

Elif reageert niet. Stella haalt adem en gaat op het stoeltje zitten tegen over Elif.

‘Het spijt me dat ik je gepest heb. Ik had het nooit mogen doen. Ik word zelf ook vaak gepest, enne…… nou ja. Dat weet je. ‘  Ze slikt en gaat staan. Ze heeft weer een brok in haar keel en ze probeert het verwoed weg te slikken.  De tranen staan in haar ogen, ze knippert ze boos weg en schuift het kleine tekeningetje dat ze gemaakt heeft van Elif’s Opa wat verder onder Elif’s ogen zodat ze zeker weet dat ze het goed kan zien.

‘Wil jij je moeder bedanken voor het helpen met mijn broek vanmorgen? ‘

Ze schuift haar stoel weer naar achter en loopt weg voordat ze een reactie krijgt.

 

Als ze in de middag naar huis fietst zet ze kneiter hard. Ze is weer laat. Meneer Jansen, haar mentor en gelijktijdig geschiedenisleraar hield haar aan. Of ze even wilde mee komen. In zo’n vreselijk stom kantoortje kreeg ze een mok chocolademelk en de vraag of alles thuis wel goed was. Wat moet je daar nou op zeggen. Nee, het gaat niet goed? En dan? Vertellen wat er precies gebeurt zodat er weer jeugd zorg gaat komen die hun werk niet doen, haar vader en Petra boos op alles en iedereen en de jongetjes ongelukkig? Ze kent het riedeltje. Dus zweeg ze. Knikte op het juiste moment en verliet tien minuten later dan ze verwacht had school.

 

Nu fietst ze opnieuw als een bezetene. Pas als ze na een minuutje nog steeds een gek geluid vlak achter haar hoort draait ze zich om. Elif.

Elif zegt niets maar ze komt naast haar fietsen. Al hijgend. Ze mindert vaart zodat Elif haar tempo kan  bijbenen en een beetje op adem kan komen. Zwijgend fietsen ze naast elkaar. Ze is op een vreemde manier blij dat ze zomaar iemand naast zich heeft fietsen. Nu lijkt het net alsof ze vriendinnen zijn. Ze laat het beeld stilletjes door haar gedachten gaan. Als ze bijna bij het huis van Elif zijn draait Elif de weg af onder een zacht gemompelde doei die ze net zo zacht beantwoordt en vervolgt ze haar weg naar haar eigen huis.

Maak een Gratis Website met JouwWeb